Waarom mannen en vrouwen pijn anders kunnen beleven
Almaar meer wetenschappelijke studies tonen aan dat mannen en vrouwen pijn anders ervaren en verwerken. Esmeralda Blaney Davidson is een van de onderzoekers die zich in dat thema verdiept. Prikkel kon haar strikken voor een interview.
Hoe valt het verschil tussen mannen en vrouwen te verklaren?
Esmeralda Blaney Davidson: “Daar hebben we nog geen definitief antwoord op. Waarschijnlijk spelen zowel biologische, sociale als psychologische factoren mee. Als biomedicus probeer ik vooral de biologische factor te doorgronden. Het lijkt erop dat er bij mannen en vrouwen andere cellen betrokken zijn bij het doorgeven van pijnsignalen naar de hersenen. Dat heeft te maken met ons immuunsysteem. Pijn is een reactie op schade of dreigende schade en activeert de cellen van je immuunsysteem. Vaak is het probleem te groot om zelf op te lossen en dan moeten die immuuncellen hulp inschakelen. Dat doen ze door aan hun buurcellen uit te leggen wat er aan de hand is. Daarvoor gebruiken ze communicatiestoffen die ze uitscheiden. Die noemen we cytokines. De cytokines geven een signaal aan je zenuwuiteinden, die op hun beurt een signaal naar je hersenen sturen. Je hersenen gaan aan de slag en dan kan jij in actie komen om jezelf te beschermen tegen de pijn en de schade.”
Komen er bij vrouwen dan andere immuuncellen in actie dan bij mannen?
“Inderdaad. Mannen en vrouwen hebben hetzelfde basispakket. Maar we stellen vast dat bij mannen andere immuuncellen in actie komen dan bij vrouwen en er dus verschillende cytokines geproduceerd worden. Hierdoor worden pijnsignalen bij mannen anders verwerkt dan bij vrouwen. Om uit te zoeken hoe groot de rol van immuuncellen is, hebben onderzoekers ze uitgeschakeld bij zenuwpijn, pijn die ontstaat bij schade in je zenuwen. Ze schakelden de microglia uit en zagen dat de pijn weg was bij de mannen, maar niet bij de vrouwen. Ze hebben dat verder onderzocht en vastgesteld dat bij de vrouwen de pijn gewoon doorging via de T-cellen. Het pijnsignaal komt dus zowel bij mannen als bij vrouwen aan in de hersenen, maar ze gebruiken er andere immuuncellen voor (zie ook de illustratie op pagina 2, red.).”
"Bij de verwerking van pijnprikkels komen er bij mannen en vrouwen andere immuuncellen in actie."
Is al achterhaald hoe dat komt?
“Daar wordt nog volop onderzoek naar gedaan, onder andere om te bepalen of mannelijke en vrouwelijke geslachtshormonen daarin een rol spelen. We weten dat die de immuuncellen op verschillende manieren kunnen beïnvloeden. Een immuuncel die wordt blootgesteld aan mannelijke hormonen reageert anders dan een immuuncel die wordt blootgesteld aan vrouwelijke hormonen. De invloed van hormonen op pijn is onderzocht bij transgenderpersonen. Mensen bij wie de mannelijke hormonen onderdrukt werden en de vrouwelijke aangewakkerd, signaleerden daarna meer pijnervaringen, zoals gewrichtspijn en hoofdpijn. Andersom gebeurde dat niet.”

De verwerking van pijnprikkels verloopt anders bij mannen dan bij vrouwen. Bij vrouwen met zenuwpijn zijn de T-cellen essentieel voor pijn. Bij mannen zijn dit juist microglia.
Welke conclusies neem je mee uit andere pijnonderzoeken die je bestudeerde of waaraan je zelf meewerkte?
“Onder andere dat het belangrijk is dat artsen en andere zorgverleners er rekening mee houden dat het pijnmechanisme bij mannen en vrouwen niet helemaal hetzelfde werkt. Ook bij de ontwikkeling van medicijnen moet daar veel meer rekening mee gehouden worden. De pijnstillers die we nu gebruiken, zijn allemaal getest op mannen. Simpelweg omdat ze in de tijd dat ze ontwikkeld werden, nog niet wisten dat er verschillen tussen mannen en vrouwen konden zijn. Dat betekent ook dat mogelijk veel medicijnen die misschien goed werken voor vrouwen in de prullenbak zijn beland omdat ze er destijds geen onderzoek naar hebben gedaan.”
Er ligt voor onderzoekers dus nog veel werk op de plank …
“En of (lacht). Ergens in het lichaam is er een pijnprikkel, dus zijn er lokaal factoren die de pijn kunnen beïnvloeden. Dan gaat het pijnsignaal via je zenuwbanen naar je hersenen. In dat proces spelen de immuuncellen waarover ik het al had een grote rol. Vervolgens komt het pijnsignaal aan in de hersenen en gaan die ermee aan de slag. Wie je bent, waar je bent, wat je hebt meegemaakt, eerdere ervaringen, je emotie op dat moment: die beïnvloeden allemaal hoe je hersenen het pijnsignaal interpreteren. Heel veel hersengebieden spelen daarin een rol en ook daar zien we een verschil tussen mannen en vrouwen. Het gebeurt allemaal in één lichaam maar je kan dat niet allemaal in één onderzoek doorgronden. Per onderzoek focussen we op een klein stukje en uiteindelijk zullen we met alle onderzoekers samen die dingen weer aan elkaar moeten koppelen.”
"Vrouwen zijn dan misschien wel pijngevoeliger dan mannen, maar dat zegt niks over een individuele persoon."
Welke slotboodschap wil je nog kwijt?
“We mogen niet uit het oog verliezen dat pijn iets heel persoonlijks is. Vrouwen zijn dan misschien wel pijngevoeliger dan mannen, maar dat zegt niks over een individuele persoon. Er zijn ook mannen die heel pijngevoelig zijn, en vrouwen die juist een lage pijngevoeligheid hebben. Die individuele pijngevoeligheid wordt beïnvloed door heel veel andere factoren. Dat bleek onder andere uit een grootschalig onderzoek dat ik in 2017 mee opzette in Nederland (zie hiernaast, red.).
Wat de behandeling betreft, denk ik dat zorgverleners heel hard moeten kijken naar wat de persoon die pijn heeft, aangeeft nodig te hebben. Ze mogen zich niet baseren op wat ze denken dat de persoon die tegenover hen zit nodig heeft. Ik denk dat we daar in de gezondheidszorg almaar beter in aan het worden zijn. We zijn echt wel stappen vooruit aan het zetten op dat vlak, maar er is zeker nog verdere bewustwording nodig.”

