KdG Hogeschool lanceert nieuw postgraduaat pijnverpleegkunde
In september van dit jaar gaat aan Karel de Grote Hogeschool (KdG) in Antwerpen het gloednieuwe postgraduaat Gespecialiseerde Pijnverkleegkunde van start. Het is meer dan een uitbreiding van het bestaande opleidingsaanbod. Met het postgraduaat wil de hogeschool vooral een antwoord bieden op een groeiende nood in de zorgsector: hoe behandel en benader je verschillende vormen van pijn?
Professionals die écht begrijpen wat pijn is, hoe complex het werkt, en hoe je mensen met (aanhoudende) pijn beter kunt begeleiden: dat is de ambitie van de nieuwe opleiding aan KdG. Julie De Bock is coördinator van het postgraduaat en heeft zelf brede ervaring als verpleegkundige in een pijnkliniek. “Ik dacht dat ik veel wist over pijn”, vertelt ze aan Prikkel. “Tot ik merkte hoeveel er eigenlijk nog ongeweten en onbekend is op dat terrein.”
Waarom komt dit nieuwe postgraduaat aan de hogeschool er?
Julie De Bock: “De kiem van deze opleiding ligt niet in de hogeschool zelf, maar in het werkveld. MATA, de Multidisciplinaire Algologische Teams Antwerpen, trok aan de alarmbel. Want hoewel pijn een thema is dat in elke basisopleiding verpleegkunde aan bod komt, blijft die kennis hierover doorgaans beperkt. MATA contacteerde ons met de vraag of we in de bacheloropleiding verpleegkunde niet méér rond pijn konden doen. Vrij snel werd duidelijk dat er nood is aan zorgprofessionals die zich echt specialiseren in de materie.”
Pijn kent veel verschillende oorzaken en vormen, ook de aanpak wordt steeds complexer. Beïnvloedt dat het opleidingsaanbod?
“Er is inderdaad een verschuiving in de behandeling aan de gang. De klassieke aanpak met medicatie blijft, maar er gaat steeds meer aandacht naar een biopsychosociale benadering. Pijnzorg is geëvolueerd van een puur medisch domein naar een breed, interdisciplinair verhaal. Die evolutie heb ik zelf van nabij gemaakt. Voordat ik op de hogeschool startte, werkte ik op intensieve zorgen, waar alles heel duidelijk en medisch omkaderd is. Later schoof ik door naar de pijnkliniek en ontdekte ik dat oorzaken van pijn niet altijd zo objectief vast te leggen zijn. Het is vaak zoeken en tastend kijken wat werkt. Dat maakt van elke behandeling broodnodig maatwerk.”
“Zeggen dat pijn ‘tussen de oren zit’, is not done”
Wat is pijn eigenlijk? Herkennen en erkennen we het helemaal?
“Tja, misschien is dat wel de moeilijkste vraag. Want pijn is wat iemand zélf als pijn ervaart. Het blijft een subjectief gegeven, waar je in eerste instantie oog en oor voor moet hebben, zonder vooroordeel. Dat subjectieve maakt pijn tegelijk complex én kwetsbaar. Zorgvragers botsen nog te vaak op onbegrip, zeker als er geen duidelijke medische oorzaak kan worden vastgelegd. Zeggen dat pijn ‘tussen de oren zit’, is in elk geval bijzonder kwetsend en not done. Als een zorgvrager zegt dat hij pijn heeft, moet je dat als behandelend arts of verpleegkundige altijd ernstig nemen.”
Er is bovendien een brede waaier van pijnen: acuut, chronisch, neuropathisch, nociplastisch. Bestaat er voor elke vorm een remedie?
“Elke pijnprikkel heeft eigen fysiologische en psychosociale kenmerken. In de klinische context schuift iemand met een gebroken enkel vanzelf door naar een duidelijk behandelpad. Er wordt geopereerd of gegipst, daarna volgt revalidatie. Maar bij onverklaarde rugpijn, fibromyalgie of langdurige zenuwpijn vallen veel zorgvragers tussen wal en schip. We zien nog te vaak dat er geen passend antwoord bestaat vanwege dat medische oorzaak-gevolg-denken. Maar pijn werkt vaak anders. Het nieuwe postgraduaat wil alle aspecten zo goed mogelijk belichten, via een specifiek curriculum.”
De Karel de Grote Hogeschool slaat daarvoor de handen in elkaar met de medische wereld en partners uit de sector.
“Inderdaad. Het postgraduaat werkt nauw samen met MATA, aangevuld met experten uit Antwerpse pijnklinieken, verpleegkundigen en tal van zorgverleners met expertise in pijn. Ook professionals in alternatieve therapieën zoals acupunctuur en muziektherapie horen daarbij. Het pakket bestaat uit vier modules die samen een logisch leerpad met brede focus vormen. De opleiding is flexibel opgebouwd en richt zich op uiteenlopende profielen.”
Hoe zijn de modules onderverdeeld?
“De eerste module – ‘De referentieverpleegkundige pijn’ – is er voor verpleegkundigen op afdelingen die pijnexpert willen worden in hun team. Ze leren hoe je pijn herkent, objectiveert, signaleert en mee opvolgt. Module 2 – ‘Interdisciplinaire samenwerking’ – staat open voor psychologen, kinesisten, ergotherapeuten en andere zorgprofessionals. Module 3 en 4 draaien volledig om pijnverpleegkunde en zijn uitsluitend bedoeld voor verpleegkundigen die zich verder willen verdiepen. Zaken zoals aanhoudende pijn, CVS, fibromyalgie en complexe zorgvragers komen daar aan bod. We bespreken ook nieuwe, al dan niet medicamenteuze behandelingen en culturele en gendergerelateerde verschillen in pijnbeleving.”
Theorie en praktijkgerichte leervormen
Hoe zit het met het praktische luik van de opleiding? Is er een stage aan verbonden?
“Stages zijn binnen een traject van een jaar organisatorisch niet zo evident. Toch zetten we met de hogeschool bewust in op praktijkgerichte leervormen. We beseffen immers dat de theorie van vandaag niet meer de theorie van twintig jaar geleden is. We werken niet meer met docenten die louter kennis overdragen aan een luisterend studentenpubliek. Daarom bevat module 3 een praktijkdag met workshops rond actuele topics in pijnzorg. Studenten leren er technieken uit de eerste lijn kennen, wisselen casussen uit en oefenen interdisciplinaire samenwerking. We blijven dus verankerd in het medische context, maar zetten onze blik open.”
Het verschuivende landschap van pijnzorg
Een van de opvallendste evoluties in pijnzorg is de verschuiving van louter medicatie naar een bredere remedie. Hebben we in het verleden te vaak de bal mis geslagen?
“Niet per definitie, de ‘kijk’ op pijn was gewoon anders. Vandaag is die een pak breder. We grijpen niet meer meteen naar de grote kanonnen zoals oxycodon of tramadol. We kijken nu eerst naar de volledige mens en baseren behandelingen op het biopsychosociale model. Dat betekent dat er bij een behandeling ook aandacht is voor thuiscontext, stress, werkdruk. Psychologische ondersteuning voor zorgvragers wordt ingecalculeerd en we brengen slaap, voeding en leefstijl in kaart. Complementaire technieken zoals acupunctuur of hypnose vormen een zeer dankbare aanvulling, en artsen evolueren daarin mee. In het UZA wordt al geregeld acupunctuur en hypnose aangeboden aan pijnpatiënten. Tien jaar geleden was dat ondenkbaar.”
De impact en rol van een geschoolde pijnverpleegkundige reikt een pak verder dan louter ‘een pleister op de wonde’ leggen.
“Het nieuwe postgraduaat wil verpleegkundigen sowieso een veel actievere rol geven in pijnzorg, zowel in ziekenhuizen als in de thuiszorg. Dat loont, want als verpleegkundigen beter geschoold zijn, kunnen ze huisartsen en specialisten ontlasten. Ze herkennen sneller pijn, signaleren vroegtijdig problemen en kunnen zorgvragers gericht doorverwijzen. In een zorgcontext waar consultaties steeds korter worden en artsen overbevraagd zijn, kan dat een wereld van verschil maken.”
“Erkenning is de basis van het zorgverhaal”
Hoe gaan jullie het curriculum van dit nieuwe postgraduaat up-to-date houden?
“Het wordt sowieso jaarlijks geëvalueerd. Dat gebeurt samen met een wetenschappelijke commissie van externe experten. Zij bepalen welke topics actueel blijven, welke moeten worden aangepast en waar we nieuwe inzichten moeten integreren. Daarnaast verzamelen we na elke module feedback van studenten – en dat hoeft niet alleen positief te zijn. We vragen hen hoe de inhoud was, hoe ze examenvormen ervaren. We willen echt inzetten op kwaliteit, ten gunste van de zorgvragers. In elk geval onderstrepen we doorheen hele traject dat erkenning en herkenning van pijn, de basis van dit zorgverhaal is.”
Die herkenning moet eigenlijk de standaard zijn en blijven, los van de opleiding.
“Absoluut, ik ben ervan overtuigd dat heel wat collega’s hier vandaag al de juiste bril opzetten. Pijnpatiënten zeggen keer op keer dat erkenning het belangrijkste is in hun traject: ‘Het doet zoveel als iemand gelooft dat je pijn hebt, en niet zegt dat je moet doorbijten’.
Onze opleiding wil professionals daarbovenop tools aanreiken om pijn nog beter te begrijpen: hoe ontstaat ze? Wanneer wordt ze chronisch, welke factoren verergeren of verzachten pijn? En vooral: hoe begeleid je zorgvragers op lange termijn? Want dat blijft de belangrijkste opdracht in pijnbehandeling: mensen met pijn nooit opgeven. Ook als we het probleem niet kunnen oplossen, moeten we handvatten blijven aanbieden en zoeken.”
Hoe ziet pijnzorg er, in een ideale wereld, binnen vijf à tien jaar uit?
“Ik droom alvast van een landschap waarin we pijn nog sneller, breder en meer empathisch aanpakken. Dat we binnen vijf jaar afdelingen kunnen binnenstappen waar iedereen wéét hoe je met de complexiteit van pijn omgaat. Net daarom moeten we ervoor zorgen dat verpleegkundigen een prominentere plaats krijgen in pijnzorg en dat pijnsymptomen via eerstelijnszorg nog sneller worden opgepikt. Niet bagatelliseren, goed informeren en duurzaam begeleiden: als ons postgraduaat daartoe kan bijdragen, is de missie absoluut geslaagd.”
Postgraduaat Gespecialiseerde Pijnverkleegkunde
Het postgraduaat Gespecialiseerde Pijnverkleegkunde van de KdG Academy is uniek in Vlaanderen. Het programma, dat in nauwe samenwerking met het werkveld werd ontwikkeld, biedt een brede kijk op pijn: van fysiologische en psychologische aspecten tot verschillende behandelmogelijkheden.
Het Postgraduaat bevat vier modules, die apart te volgen zijn:
(1) Referentieverpleegkundige pijn
(2) De complexiteit van pijn
(3) Pijnconsulent: verdiepend pijnmanagement voor specifieke aandoeningen
(4) Pijnconsulent: verdiepend pijnmanagement bij specifieke doelgroepen
Klik hier voor meer info & inschrijvingen.
Afbeelding:
Campus-Zuid van de Karel de Grote Hogeschool in de Brusselstraat in Antwerpen, waar de lessen van het postgraduaat plaatsvinden.

